“Vruchtbaar samenwerken is niet alleen halen, maar vooral ook brengen”
Kiezen en vertrouwen, daar draait het om bij het jaarlijkse AWTI-symposium Hoe regio’s de innovatieparadox doorbreken. Beleidsmakers, onderzoekers en ondernemers spreken een middag lang over de succesfactoren van trusted communities. “Innovatie is geen lineair proces.”
“Wil iedereen die het afgelopen jaar een goed idee had gaan staan? En wil nu iedereen die dit gerealiseerd zag worden, weer gaan zitten?” Het gaat meteen al mis tijdens de opening van het symposium Hoe regio’s de innovatieparadox doorbreken, als dagvoorzitter Tom Jessen het publiek kleur laat bekennen: maar drie van de honderdvijftig aanwezige beleidsmakers, onderzoekers en ondernemers blijven staan.
“En dat is helemaal niet gek”, stelt AWTI-voorzitter Mirjam van Praag in haar aansluitende welkomstwoord, “want ideeën leiden niet vanzelf tot oplossingen en nieuwe kennis leidt niet vanzelf tot toepassing. Over het versnellen van innovatie gaan we het hebben vandaag.”
Het belang van diversiteit
Hoe regionale samenwerking alle deelnemende partijen sterker maakt, illustreert collegevoorzitter Margrethe Jonkman (VU) in haar keynote over hoe Amsterdam, een regio met veel start- en scale-ups, buiten de eigen grenzen kijkt en is gaan samenwerken met Brainport Eindhoven. Volgens haar kun je op allerlei niveaus samenwerken: op wereldniveau, Europees niveau, nationaal niveau en regionaal niveau. Het regionale niveau is het sterkst. En juist als je al een bloeiende regio hebt, is het slim om met andere bloeiende regio’s op te trekken. Haar belangrijkste les daarbij: ga voor win-win en gun elkaar wat.
Beeld: © AWTI
Margrethe Jonkman in gesprek met dagvoorzitter Tom Jessen
Koenraad Debackere (KU Leuven) laat aan de hand van wetenschappelijk onderzoek zien hoe belangrijk diversiteit in ecosystemen is. Ecosystemen moeten inderdaad functioneren als trusted communities. Regio’s zijn op de lange termijn het sterkst als er diversiteit is, niet als er maar één sterke speler is. Wat het beste werkt: als de markt, de overheid en de samenleving gemeenschappelijk innoveren, elk met hun eigen kracht. Want uiteindelijk is de beste kennisoverdracht gewoon van mens op mens.
Floor Vermeulen, burgemeester van Wageningen, vertelt hoe het Netwerk Kennissteden Nederland (NKN) kennisinstellingen én bedrijven én de talenten die daar onderzoeken, studeren en werken ondersteunt. Het komt bij innovatie aan op excellente uitvoering en dat gebeurt in kennissteden. Die staan voor grote uitdagingen. Met de nabijheid van onderzoek en bedrijvigheid zit het op de campus in Wageningen wel goed, maar de campus loopt wel tegen grenzen aan. Tegelijkertijd is juist in Wageningen de kennis er om op een duurzame manier te groeien. Investeren in die groei is zinvol zodat alle innovaties ook echt toegepast worden en gaan bijdragen aan een leefbaar en duurzaam Nederland.

Beeld: © AWTI
Onderling vertrouwen
Daarna gaat het publiek uiteen in twee deelsessies. In de eerste deelsessie komt de vraag aan de orde wat er nodig is voor een krachtige samenwerking in sterke regionale innovatie-ecosystemen. Wie speelt daar welke rol in? En hoe vorm je die zo gewilde trusted communities?
Arjan van den Born, directeur bij de regionale ontwikkelingsmaatschappij (ROM) Utrecht, vertelt over zijn ervaringen met 5000 van de meest innovatieve bedrijven in ‘zijn’ regio. Hij stelt dat de innovatiekloof ook bekeken moet worden vanuit het perspectief van de ondernemer. Groeiende bedrijven hebben een toepassing nodig waardoor ze op zoek zijn naar kennis voor de financiering die ze te besteden hebben. Die snelgroeiende bedrijven kunnen vervolgens investeren in de wetenschap.
Joeri van den Steenhoven, lid van het college van bestuur van Hogeschool Leiden, gaat in op de functies van hogescholen in het regionale ecosysteem. Hogescholen leiden talent op, voeren praktijkgericht onderzoek uit en bevorderen de samenwerking door wetenschappelijke inzichten te combineren met praktijkkennis. Zodoende zorgen hogescholen voor verbinding en coördinatie. Van den Steenhoven adviseert valorisatie niet alleen aan de hand van het aantal start-ups te meten, aangezien innovatie ook gebeurt in de publieke sector en grote bedrijven. Bovendien moeten de invloeden van buiten het regionale ecosysteem niet worden onderschat; denk aan de invloed van nationale en internationale regelgeving, maar ook aan de keuzes die CEOs maken die aan de andere kant van de wereld zitten.
Niels Palmers (NOM) is al langere tijd actief in het ecosysteem in Noord-Nederland. Hij ziet dat initiatieven die bij ondernemers begonnen de hele regio in beweging hebben gekregen. Een gemeenschap begint met een gezamenlijke ambitie, maar je moet elkaar ook kennen en bereid zijn elkaar verder te helpen. Door een jarenlange verbintenis ontstaat collectief onderling vertrouwen.
Het publiek vraagt het panel onder meer door over het hebben van een gezamenlijke visie. Van den Steenhoven stelt dat het vasthouden van een visie misschien nog wel belangrijker is dan het formuleren van een visie. Daarvoor is moed en overtuiging nodig. Ook gaat het gesprek over de behoefte aan stabiele financiering zonder al te veel publieke inmenging. Van den Born legt uit dat het probleem volgens hem niet zozeer bij de politiek ligt, maar in het gebrek aan langjarige financiering. Nederland is gewend aan projectgelden en dat knelt.
Beeld: © AWTI
Arjan van den Born, Joeri van den Steenhoven, Niels Palmers en dagvoorzitter Tom Jessen in gesprek over het belang van visie en langjarige financiering in de regio
Onze markt: de hele wereld
In de tweede deelsessie gaan de aanwezigen onder leiding van Annelieke van der Giessen, secretaris-directeur van de AWTI, dieper in op de samenwerking tussen regio’s voor innovatie.
Maurits Butter (TNO) weet dat er ondanks drempels zoals concurrentie en cultuurverschillen hele goede redenen kunnen zijn om samen te werken tussen regio’s voor innovatie. Bijvoorbeeld als regio’s elkaar goed aanvullen of versterken. Dan loont het de moeite om meer structurele samenwerkingsverbanden tussen regio’s op te zetten. Daarmee komen individuele samenwerkingsprojecten makkelijker tot stand.
Daarna deelt de tweede spreker, Eelko Brinkhoff, zijn ervaringen bij PhotonDelta. Dit is een Nederlands initiatief waarin in eerste instantie binnen ons land verschillende regio’s zich verbonden hebben, die ieder een eigen specialisatie kennen. Maar de volgende stap is om dit internationaal op te schalen, want in het domein van fotonica is de markt: de hele wereld.
Een mooi voorbeeld van een structurele samenwerkingsstructuur van verschillende Europese regio’s is het Vanguard Initiative. Daarover spreekt Wim de Kinderen, die vanuit Brainport betrokken is bij dit initiatief van de Vlaamse overheid, maar waarbij inmiddels vele regio’s zijn aangesloten. Zo’n samenwerking kan alleen maar succesvol zijn als de regio’s zich actief inzetten. “Als iedereen alleen maar komt om te ‘halen’, maar niemand iets wil ‘brengen’, dan gaat het niet werken.”
Sander van der Molen van Civitta uit Litouwen vertelt meer over de samenwerking met regio’s in Centraal- en Oost-Europa. Deze regio’s hebben veel te bieden. Maar er zijn nog wel barrières. Vanuit het verleden is het maatschappelijk vertrouwen in deze landen laag en ook ontbreekt het aan budget om meer langdurige relaties op te bouwen met regio’s in West-Europa.
Beeld: © AWTI
Publiek in de tweede deelsessie
Het publiek vindt het een mooie gedachte dat regio’s complementair kunnen zijn, maar ziet in de praktijk regio’s toch vaak tegelijkertijd “achter dezelfde hypes aanlopen”. Daarnaast wordt het concurrentiegevoel “hardnekkig” genoemd, ondanks dat men zegt samen te willen werken. Het gevaar is dan dat men vooral probeert te halen en niet wil brengen. Tot slot is het belangrijk om interregionale samenwerking laagdrempelig te organiseren. Een bedrijf of instelling zou in de eigen regio moeten kunnen aankloppen bij één loket, dat ze vervolgens verbindt met partners in de regio elders.
Woudreus
Terug in de grote zaal bedankt AWTI-voorzitter Mirjam van Praag de deelnemers voor hun inbreng en concludeert: “Innovatie is niet lineair. Je gaat niet van fundamentele ontdekkingen naar toepassing in een rechte lijn. We hebben daar ook geen tijd meer voor, met alle uitdagingen waar de wereld voor staat. Leer elkaar kennen, breng vraag en aanbod bij elkaar, werk vanaf het begin samen, speel elkaar vlot over en weer de bal toe. Als je met elkaar gaat innoveren, ga je ook samen experimenteren, risico nemen, elkaar vertrouwen, elkaar wat gunnen, faciliteiten delen. In zulke trusted communities gebeuren de mooiste dingen.”
Eline van Beest (Thuja Capital, Universiteit Delft) drukt de toehoorders op het hart om vooral te durven kiezen. Ze doet dit bij een foto van een tulpenveld. “Dat zien we in Nederland graag: alle tulpen evenveel water en allemaal even mooi. Maar in werkelijkheid zoeken we niet allemaal dezelfde kleine bedrijven, we zoeken een woudreus. Die krijg je niet als je alle zaadjes precies evenveel water geeft.” Van Beest weet waar ze het over heeft. Als ondernemende academicus heeft ze vele malen nee gehoord, voordat ze de weg vond om met haar uitvinding door te groeien. “Een boom komt uit een zaadje, maar voor die ene boom zijn vele andere zaadjes níet ontkiemd. Dat is ook helemaal niet erg.”

Eline van Beest gebruikt de metafoor van het tulpenveld om uit te leggen dat echte groei vraagt om durven kiezen. 
Afsluitende borrel